Voor stichtingen en gemeenten
Akadea rapporteert niet op aanwezigheid maar op ontwikkeling in zelfstandig leergedrag: zes gedragingen, bij de start vastgelegd en tijdens het traject opnieuw beoordeeld met dezelfde beschrijvingen.
Het vraagstuk
Aanwezigheid is geen resultaat.
Rapportages tellen doorgaans deelnemers, uren en opkomst. Dat verantwoordt de uitgave, maar het zegt niets over wat er bij de deelnemer is veranderd. En juist dat is waar u op wordt bevraagd.
Rapportcijfers bewegen door toetsvorm, docentwissel en niveauwijziging. Als enige maat voor een interventie zijn ze te grof.
Een los meetinstrument kost tijd van de uitvoerder en levert selectieve invulling op. Wat gemeten wordt, moet uit het werk zelf komen.
Hoe het traject werkt
Wekelijkse begeleiding met een vaste lesopbouw. In deze fase wordt de nulmeting vastgelegd, op basis van geobserveerd gedrag in de les.
De deelnemer plant en werkt zelf; de begeleider kijkt mee en corrigeert gericht. Hier valt de tussenmeting, met dezelfde beschrijvingen als bij de start.
De contactmomenten worden minder frequent en het traject wordt afgesloten. Afbouw is onderdeel van het ontwerp, niet van opzeggen.
De afbouw zit in het ontwerp, niet in een opzegtermijn: elke fase legt meer bij de deelnemer en minder bij ons. Het is dus geen abonnement. In de bogen hierboven — ons merkteken — valt bij elke fase een steunboog weg, tot alleen die van de deelnemer overeind staat; dat is beeldspraak voor precies dat.
De rapportage
Elke deelnemer wordt op zes gedragingen beoordeeld op basis van geobserveerd gedrag in de les. Over de groep laat zich dan per gedraging zien hoe de verdeling verschuift tussen de nulmeting en de tussenmeting. De gedragingen worden apart gerapporteerd; wij vatten ze niet samen in één score, omdat dat verbergt waar het juist níet beweegt.
Onder de cijfers
Onder elke staaf hierboven zit een deelnemer met een eigen profiel. De begeleider legt per gedraging vast hoeveel sturing er nog nodig is, aan de hand van vaste gedragsbeschrijvingen. Geen zelfrapportage, geen tevredenheidsvraag.
Verantwoording
De eerlijke grens
Een deel van de vooruitgang komt onvermijdelijk uit meer tijd op taak, meer structuur en minder stress, niet uitsluitend uit geïnternaliseerd leergedrag. Wij rapporteren daarom wat wij hebben waargenomen tijdens het traject en zeggen erbij wat die cijfers niet dragen. Dat is bedoeld om een verantwoording houdbaar te maken, ook bij navraag.
Ons meetkader vervangt niets. Het levert een gedragscomponent naast de deelnamecijfers die u toch al ontvangt: zes gedragingen, vier niveaus, bij iedere deelnemer op dezelfde manier toegepast. Aanwezigheid rapporteren wij apart, zodat het niet als resultaat kan worden gelezen.
Wat wij rapporteren is waargenomen gedrag binnen de trajectperiode. Het is geen effectstudie en er is geen controlegroep, dus er zit geen causale claim onder.
Het meetkader op papier: de zes gedragingen en de vier niveaus met hun beschrijvingen, zodat een controleur kan nalezen waarop is beoordeeld. Daarnaast de periodieke rapportage met de verdeling per gedraging, nulmeting tegenover tussenmeting, inclusief de gedragingen waarop weinig beweegt.
Bij de cijfers hoort een toelichting in woorden van de begeleider. Cijfers zonder duiding sturen verkeerd, en dat geldt bij een audit net zo goed.
Kennismaking
Wij lichten het meetkader toe, laten een voorbeeldrapportage zien en bespreken welke deelnemers u voor ogen heeft. Daarna weet u of het past bij wat u moet verantwoorden.
Alle getoonde profielen en cijfers op deze site zijn illustratief en geanonimiseerd.